De achternicht van mijn buurman heeft een vriendin en haar zus heeft ook kanker….

Op het werk was ik opeens ‘een geval’ toen mijn vrouw borstkanker kreeg. Ook was werk was geen werk meer, maar ‘een goede afleiding’. En collega’s wisten dat. Zo kon het gebeuren dat een collega mij bij het koffiezetapparaat vroeg: “Hoe gaat het thuis?

Ik had toen nog de neiging om eerlijk te antwoorden en zei dan zoiets als: “Morgen krijgt mijn vrouw radiotherapie en als dat klaar is beginnen ze met de chemo.”

Waarop die collega met een ‘CONTROL FIND [KANKER]’ haar eigen brein doorzocht en zoiets antwoordde als: “Weet je wel zeker dat dat goed is, de achternicht van mijn buurman heeft een vriendin en haar zus heeft ook kanker en die kreeg juist eerst chemo en toen radiotherapie. Ik zou het nog maar eens navragen of ze het daar in het Antoni van Leeuwenhoek ziekenhuis wel goed gezien hebben.”

Toen ik doorkreeg dat mensen meestal hun eigen angsten en gedachten op mij projecteerden, en de zus van een vriendin van een achternicht van hun buurman belangrijker was dan ik, begon ik hen te negeren en ging ik op zoek naar die paar collega’s die wél luisterden en doordat ze écht naar me luisterden voelde ik me beter.