Mijn tweede ik!

Mijn tweede ik?

Ergens in mijn leven ontdekte ik mijn tweede ik.

Mijn eerste ik, de lijdende-ik, kende ik al wat langer. Die ondergaat het leven. Die geeft vanuit zichzelf geen richting. Die deint mee op de golven van zijn humeur. En houdt van een zak drop, een reep chocolade en chips op de bank. Dankzij een scheut discipline en een mooi LinkedIn-profiel is het toch net alsof die lijdende-ik goed meekomt in de maatschappij.

De leidende-ik in mij vroeg zich een aantal jaren geleden af waarom ik zijn bestaan niet erkende. “Omdat ik niet wist dat je bestond”, antwoorde de ik die ik al langer kende beschaamd.

“Je hebt toch voor je vrouw gezorgd toen ze ernstig ziek was. Je hebt je kinderen opgevoed. Je hebt je moeder gesteund in haar oude dag. Je weet toch wat dat is om voor iemand te zorgen! Dus hoezo weet je niet hoe jijzelf een goed leven kunt leiden”, reageerde mijn leidende-ik verwijtend.

Erachter komen wat je leidende-ik voor je leven kan betekenen is dus niet zo moeilijk. Kijk gewoon hoe je zorgt voor een ander en vraag je af wat dat voor de kwaliteit van jouw eigen leven kan betekenen.

Maar de aanzuigende werking van de lijdende-ik is niet te onderschatten, zeker niet als je in een moeilijke fase in je leven bent beland. Dan kan het lastig zijn om te switchen van lijden naar leiden.

Soms zijn er van die dagen dat ik denk: “De dag gaat sowieso voorbij. Of je nu lijdt of leidt. En dat ik dan opeens denk: Tsja, als het de dag niets uitmaakt, kan ik er beter maar wat moois van maken.”

—–

Ken jij een man met een ernstige zieke partner? Soms moet die man een zetje krijgen, omdat die man ondanks zijn leed kan denken dat het nog wel gaat, terwijl dat voor jou overduidelijk niet zo is. Geef jij hem dan dat zetje?